Philips Eindhoven

De geschiedenis van Philips Eindhoven  komt prachtig tot uiting in het onderstaande Engelstalige documentaire over Philips van 1891 tot 1951 . Anton Philips spreek gewoon Nederlands en mooie beelden van Eindhoven voor de oorlog.  Er zijn  genoeg sites over Philips Eindhoven met foto's en informatie. Daarom beperk ik mij op deze pagina tot een overzicht van Nederlandstalige biografische boeken over Philips.  Het overzicht is willekeurig dus geen alfabetische volgorde ofzo, daar hebben we Google voor. Oud en nieuw door elkaar en hiermee  verhoog ik het verrassende element.

Frits Philips 100

Op 16 april 2005 werd Frits Philips - de zoon van Anton Philips, die samen met zijn broer Gerard de basis legde voor het elektronicabedrijf Philips - honderd jaar. Dit boek geeft een portret van 'Meneer Frits', zoals de voormalig ondernemer in Eindhoven in de volksmond wordt genoemd. In het boek, met meer dan zeshonderd foto's, zwart-wit en kleur, en met korte informatieve teksten wordt deels thematisch (Frits als cabaretier, zijn tekentalent, zijn gezin etc.) en deels chronologisch het leven en werk van Frits Philips weergegeven. Met onder meer aandacht voor de periode van de Tweede Wereldoorlog, de groei van het Philipsconcern en de oude dag van Frits Philips. Een fraai uitgegeven jubileumboek over een van Nederlands bekendste ondernemers.
 isbn 9789059940840  /  april 2005  / 167 pagina's

Frits Philips Een beeld voor een monument

Op 14 april 2007 werd in Eindhoven het standbeeld van Frits Philips (1905-2005) onthuld. Deze publicatie gaat kort in op het leven van 'Meneer Frits', laat de initiatiefnemers aan het woord en toont foto's in kleur en zwart-wit van de totstandkoming van het beeld in het atelier van Kees Verkade. Nu zijn er bij de honderdste verjaardag van deze grootindustrieel al enkele boeken over zijn leven verschenen, waarvan 'Frits Philips 100' van Guus Bekooy (2005)* het meest aansprekende is. De levensschets die in dit boekje wordt gegeven, valt daarbij in het niet. Dat er hoe dan ook een standbeeld van hem zou komen, stond wel vast, dus wat de prominenten hierover te zeggen hebben, is niet bijster interessant. De grote kwaliteiten van Verkade zijn bekend en bij vele gelegenheden heeft men hem al aan het werk kunnen zien. De belangstelling voor dit boek zal dan ook voornamelijk beperkt zijn tot hen die betrokken waren bij de realisatie van het beeld en geinteresseerden in de geschiedenis van de familie Philips.
isbn 9789077740088  / 2007 / 112 pagina's

45 jaar met Philips

Frits Philips beschrijft zijn herinneringen van de directeur (geb. 1905) van het wereld-concern Philips. Tekstverzorging Leo Ott
Het blijkt dat ir. Philips zijn gezin en het huiselijk leven altijd op de eerste plaats heeft gesteld en dat zijn hart steeds is  uitgegaan naar de vliegerij.  Een groot deel van de memoires heeft betrekking op de oorlogsjaren, toen  Frits Philips voor de moeilijke taak stond het concern draaiende te houden  zonder de nazi's in de kaart te spelen. In de memoires komen ook de invloeden van Morele Herbewapening op de familie Philips en de concernleiding ter sprake.
isbn 9061001307 /  1976 /  382 pagina's

Meneer Frits, the human factor

dr. ir. Frits Philips 100 jaar. Dorothée F. Foole werkt al gedurende tientallen jaren als freelance journaliste en publiciste voor diverse media. De laatste jaren heeft zij zich vooral toegelegd op het schrijven van boeken. 'Er zijn al vele boeken over Philips en Frits Philips geschreven. Toch ben ik ervan overtuigd, dat dit boek wel degelijk iets toevoegt aan al die informatie, interviews en anekdotes die als eens gepubliceerd zijn. Dit boek is geen biografie. In dit boek komen mensen uit allerlei sociale klassen aan het woord die eens een ontmoeting met Frits Philips hadden. Alle interviews in dit boek zijn stuk voor stuk unieke verhalen, die meestal nog niet eerder gepubliceerd zijn.
isbn 9789076501048 / 2005 / 240 pagina's

Anton Philips De Mens De Ondernemer

Biografie van Anton Philips . Dr. Bouman zorgt voor een verrassing door (via uitgeverij J. M. Meulenhoff in Amsterdam) te komen met een levensbeschrijving van dr.Anton Philips, de stichter van het tot wereldconcern uitgegroeide Eindhovense gloeilampenfabriekje; de bouwer van het concern tevens. De verrassing van dit nieuwe boek van prof. Bouman is gelegen in de omstandigheid, dat hij — als een der weinigen in Nederland tot nu toe — een grote ondernemer tot onderwerp van studie en beschrijving koos. Men kan de auteur er overigens zeer dankbaar voor zijn. In het streven naar een objectieve behandeling is prof. Bouman- goeddeels geslaagd, zo goed als hij zijn intenties wist te verwerkelijken in het tot zijn recht laten komen van de mens Philips zowel als van de ondernemer. Zij het, dat de negatieve kanten (die er toch ook wel geweest zullen moeten zijn) wat teveel in de verf zijn gebleven. Maar, dat verandert niets aan het feit, dat hier een zeer boeiend, levendig en aantrekkelijk boek beschikbaar is gekomen over een uitspringende, welhaast geniale figuur,(Met vele belangwekkende foto's: ƒ 8.90) Bron Delpher Friese koerier 30-11-1956
Eerste druk verscheen in 1956, 294 pagina's met 26 afbeeldingen, geschreven door P.J. dr. prof. Bouman.
In 1966 verscheen een 2e herziene druk met illustraties, foto's en biografie,  256 blz. als een Prisma uitgave.
De 90e druk van dit boek verscheen in 2008.

Anton Philips 1874-1951

"Ze zullen weten wie ze voor zich hebben" In 1895 trok de 21-jarige Anton Philips, na drie jaar HBS en een stage op de Amsterdamse en Londonse beursvloer, naar het provinciestadje Eindhoven om zijn oudere broer Gerard te helpen met het verkopen van gloeilampen. In twee decennia groeide hij uit tot een topondernemer van on-Nederlands – ja, van wereldformaat, dankzij zijn enorme geldingsdrang, charme, ondernemersbloed, strategisch talent, en werklust. Hij loodste het bedrijf door de Eerste Wereldoorlog, de krach van 1929, de recessie van de jaren dertig én de Tweede Wereldoorlog, en bouwde het en passant uit tot een wereldwijd opererende elektronica-multinational.

Onderzoeksjournalist Marcel Metze dook in de archieven van Philips Electronics en van de familie Philips en diepte daaruit vele honderden nog ongepubliceerde brieven en documenten op. Op basis hiervan schreef hij een biografie van deze Nederlandse tycoon.

Metze schreef een spannende, levendige, genadeloos eerlijke biografie, die de lezer van zeer nabij met de man en zijn spel laat ‘meeleven’. Anton Philips was geen ‘graaier’ en hij bouwde zijn koninkrijk niet op riskante financieringen. Maar zoals Metze laat zien, kon hij behalve charmant ook hard zijn, kon hij zowel bóven als ónder de gordel slaan. Anton Philips was geen denker maar een doener. En steeds vanuit die geldingsdrang: ‘ze zullen weten wie ze voor zich hebben’.
isbn  9789050186124 / 2005 / 622 pagina's

100 jaar Philips - De officieuze biografie

De vroegere voorzitter van de Stichting Onderzoek Bedrijfs Informatie (SOBI), Pieter Lakeman, heeft gisteren in Amsterdam het boek: 'Honderd jaar Philips, de officieuze biografie' gepresenteerd. Hierin doet Lakeman een aantal onthullingen over het Eindhovense bedrijf. Zo schrijft Lakeman ondermeer: Philips houdt binnen een termijn van vijfjaar op te bestaan, Philips is eigenlijk een soort Europese RSV, Philips was fout in de oorlog en de nieuwe bestuursvoorzitter van Philips Jan Timmer kan het concern niet meer redden. Daarvoor is het management te onbekwaam.
isbn 9073299047 / 1991 /  240  pagina's

LET'S MAKE THINGS BETTER

De journalist Metze (1952) heeft wat met Philips, want hij schreef er al eerder (1991) een boek over ("Kortsluiting"; a.i. 92-48-222-8). In dit boek schetst hij het diepe dal, waarin het bedrijf terecht kwam en hoe Timmer en zijn opvolger Boonstra hebben getracht daar uit te komen. Met behulp van gesprekken met Maljers (president-commissaris in die tijd) en Frank Carrubba, lid van de Raad van Bestuur, en met Boonstra zèlf kreeg Metze inzicht in de vele controverses, die in de top speelden, met name tussen Boonstra en Timmer. Hij beschrijft deze duidelijk en boeiend, zoals het hele boek boeiend is en in één adem door belangstellenden zal worden uitgelezen. Naast de ruzies in de top en de achtergrond van vele ontslagen van belangrijke managers schetst Metze ook de strategische feiten in de ontwikkeling van het concern: fusies, defusioneringen etc. Niet alleen Philips- en ex-Philips-employés, maar ook alle in bedrijfseconomische achtergronden van een groot concern geïnteresseerden zullen van dit boek smullen: het is een echte wat men noemt 'corporate biography', met de van Metze bekende diepgang geschreven. Het boek is geïllustreerd met zwart-witfoto's.
isbn  9789061686125 /   1997 /  252 pagina's

Eindhoven 1933 -1945

Eindhoven 1933 -1945 met als ondertitel: „Kroniek van Nederlands lichtstad in de schaduw van het Derde Rijk".
De Phiiipspolitie achtervolgde en terroriseerde in de vooroorlogse jaren in Eindhoven socialisten, communisten, vakbondsleden, joden en andere politieke vluchtelingen. Dat alles gebeurde onder het mom van „sabotage-bestrijding". Verantwoordelijk voor het optreden van de Philipspolitie waren vooral de directe chef W. Dijs en directiesecretaris van Philips, mr. W. de Graaff.

Frans Dekkers schetst in het boek de oprichting van de Philipspolitie naar het model van de bedrijfspolitie zoals die functioneerde bij de Amerikaanse Ford-fabrieken. Ir. Frits Philips had dat in Detroit afgekeken. De Philipspolitie met als supervisor mr. W. de Graaff kreeg tot taak de onderneming te zuiveren van elementen die wel eens voor sociale onrust zouden kunnen zorgen. Daartoe werden contacten gelegd, niet alleen met de Nederlandse politie en justitie, maar ook met buitenlandse inlichtingendiensten.
isbn 978906265104 / 90-6265-104-6  /1982 /  270 pagina's

De zorg om het Philipsmeisje

Fabrieksmeisjes in de elektrotechnische industrie in Eindhoven (1900-1960)
Honderd jaar geleden begon Gerard Philips aan de Eindhovense Emmastraat een gloeilampenfabriekje. Het elektronica-concern dat hieruit groeide, had in de loop van deze eeuw duizenden jonge vrouwelijke arbeidskrachten in dienst. Meestal ongehuwde meisjes, die met weinig scholing ongekwalificeerd massaproductiewerk deden. Dat liet de gemoederen niet onberoerd. Reacties getuigden van een mengeling van veroordeling en fascinatie rondom deze meisjes. Hun loon vormde een lichtpuntje in een sober bestaan, maar stadse kledij en fabrieksarbeid ondermijnden de codes van het gevestigde levenspatroon. Over de zorg om het Philipsmeisje in woord en daad gaat dit boek. Voor de meisjes ontstonden allerlei opvoedingsactiviteiten. De Philips Huishoudschool en de Mater Amabilisschool zijn hiervan voorbeelden. Deze geschiedenis van de zorg om het Philipsmeisje, gebaseerd op archiefmateriaal en interviews, is een aanvulling op de bestaande regionale en bedrijfsgeschiedenis.  Zwart-witte foto's verlevendigen de tekst. Tot besluit een uitvoerige noten- en bronvermelding, literatuuropgave en afkortingenlijst. Voor geïnteresseerden in bedrijfsgeschiedenis en in de ontwikkeling van vrouwenarbeid een welkome aanvulling; waarbij enige kennis van zaken vereist is.
ISBN 9789060117378  1991 294 pagina's

Architectuur van Philips

De Architectuur van Philips in Eindhoven
Sloop/Renovatie/Transformatie fotoboek van Norbert Van Onna. De Nederlandse fotograaf Norbert van Onna (Arnhem, 1955) is gespecialiseerd in architectuur- en landschapsfotografie. Norbert studeerde in 1978 af aan de Design Academy Eindhoven en richtte vervolgens ONNA Architectuurfotografie op. Zodoende heeft hij decennialange ervaring in het professioneel documenteren van architectuur in binnen- en buitenland in opdracht van architecten, projectontwikkelaars en overheidsinstanties.

Nieuwbouw en transformatie, maar ook de relatie tussen het gebouw en zijn gebruikers, tussen het gebouw en zijn context, zijn voor Norbert vertrouwde thema’s.

ONNA architectuurfotografie beschikt bovendien over een uitgebreid archief, een doorsnede van de Nederlandse architectuur uit de afgelopen decennia.
isbn 9789082152302 / 2013 / 223 pagina's

Philips Natlab

De machine waarmee ASML opklom tot marktleider in chipproductie-apparatuur werd op het Philips Natuurkundig Laboratorium bedacht. Ook de chiptechnologie van NXP vindt zijn wortels op dit researchlab, net als de compact disc, Philips' meest succesvolle product. Maar er waren ook debacles. Het lukte Natlab'ers en hun collega's van de industrie bijvoorbeeld niet om de beeldbuis nieuw leven in te blazen.

De techniekjournalisten Paul van Gerven en René Raaijmakers stellen de compact disc, chips, de waferstepper en beeldschermen centraal in een schets van het Natlab. Nooit eerder werd in zulk detail en met zo veel kleur beschreven hoe Philips omging met het vernuft van zijn legendarische lab. Van Gerven en Raaijmakers maken een decennialang gesloten onderzoekswereld en zijn impact op de business tastbaar. Daarbij ontkrachten ze een aantal hardnekkige mythes, zoals de zo vaak bejubelde vrijheid op het lab.

De auteurs Paul van Gerven en René Raaijmakers spraken voor dit boek met de personen die aan de wieg stonden van zowel mislukkingen als mega-successen.
'Geen beeldbuis zonder Bathelt' -
over de legendarische Rob Bathelt, mister Beeldbuis bij Philips
'Daar heb je weer zo'n Ome Joopoplossing' - 
Natlab-uitdrukking om aan te geven dat een technisch ontwerp niet deugde
'Maar we konden niets, helemaal niets!' - 
Natlab-onderzoeker die net een van de eerste chips uit de VS van binnen had gezien en opdracht kreeg hem na te maken
'Bouwhuis zag contactafdrukken eigenlijk helemaal niet meer zitten. Hij wist dat deze manier van chips maken op zijn laatste benen liep' - 
over de geniale Gijs Bouwhuis, ontwikkelaar van de waferstepper die de basis legde voor ASML
'Als jullie die rotzooi volgende week niet hebben opgeruimd, dan schiet ik jullie allemaal kapot' - 
directeur van Philips' cd-fabriek in Hasselt over de volkomen vastgelopen productie
'Wie had er toegang tot de kennis van het Natlab? Philips, maar alleen als wij het goedvonden' - 
Natlabmanager Kees Bulthuis
'Founded by Philips, destroyed by KKR' - 
medewerkers over NXP, de verzelfstandigde halfgeleidertak van Philips
'Toen werd het gesprek afgebroken met de mededeling dat het vrijdag vier uur was, en dus weekend' -
Philips-ontwikkelaar van beeldschermen, die wanhopig probeerde een collega bij de halfgeleiderdivisie over te halen vaart te maken met de productie van aansturingschips
isbn 9789082579802 / 2016 / 408 pagina's

Philips 

Philips: Geschiedenis en praktijk van een wereldconcern 
Ad Teulings (later Professor Emeritus in Comparative Sociology of Organizations, University of Amsterdam ) schreef in 1976  o.a. „De hoogte van de 'uitgaven voor defensie is dus bepalend voor de hoogte van de omzet en daarmee de winst van Philips" . Voor die tijd een kritisch boek over Philips. In de De Telegraaf van 23 november1976 reageert Phiips: " Frits Philips heeft bedankt voor de uitnodiging van de regionale „Omroep Brabant" om afgelopen zondag in discussie te treden met de heer A. Teulings, schrijver van een boek over de multinational Philips, dat binnenkort verschijnt.
In een brief aan de omroep schrijft Frits Philips dat hij de indruk heeft gekregen dat de samensteller van het boek het overwegende doel heeft gehad „de motieven van Philips in een verkeerd daglicht te stellen en afbreuk te doen aan de  goede naam, die het bedrijf in grote lagen van het personeel
bezit". Frits Philips voegde hier nog aan toe dat bepaalde delen van het boek „erg aanstootgevend zijn". "
isbn 90-6012-289-5 / 1975 / 325 pagina's

Frans van der Put

40 jaar industriele vormgeving en Philips designmanagement 1950+1990.  Levensverhaal Frans van der Put (1930), opgeschreven door Ivo Blanken,  van een van Nederlands eerste industriële vormgevers, . Frans van der Put was o.a. docent aan de Akademie Industriële Vormgeving Eindhoven (nu de Design Acacdemy) en als bestuurslid van de Kring Industriële Ontwerpers.  Hij werkte als designmanager bij Philips. Zijn leven komt uitvoerig aan bod van geboorte tot heden. Door zijn levensverhaal te vertellen komt men ook meer te weten over de ontwikkeling van het hedendaagse industrieel ontwerpen in Nederland, inclusief de opleidingen en ook de ontwikkeling bij Philips, waarvoor hij nagenoeg zijn hele leven heeft gewerkt. Een interessant en leerzaam boek voor iedereen die geïnteresseerd is in de geschiedenis van het industrieel ontwerpen in Nederland en de ontwerpers die hierin hun bijdrage hebben geleverd. Met hoofstukken gewijd aan gezichtsbepalende ontwerpers zoals Louis Kalff, René Smeets, Wim Gilles, Rein Veersema, Knut Yran, Bob Blaich en met name uiteraard Frans van der Put. Duidelijk en onderhoudend geschreven en ondersteund met vele foto's.
isbn 9789074009911  / 2012 / 224 pagina's

Philips zoekt ... 75 jaar Personeelszaken

Rinus van de Berge en Jan van Dooren
1969, 112 pagina's 

Onderstaande tekst komt niet uit 75 jaar personeelszaken maar uit Trouw van 1995. 

Bij Philips werkten vroeger vaak vier of vijf mensen uit één gezin. Dat moest ook wel want de lonen waren laag. Het concern kon gemakkelijk een of twee dochters ontslaan want de familie raakte er niet meteen door aan de grond. Philips maakte handig gebruik van dit systeem. Het verklaart ook de afwezigheid van protest bij vooroorlogse massa-ontslagen in Eindhoven, schrijft Don Kalb in zijn proefschrift.
Dat is een van de ontdekkingen in het onderzoek waarop de cultureel antropoloog Don Kalb gisteren in Utrecht is gepromoveerd. Bij Philips hebben voor de Tweede Wereldoorlog ontslagen nooit geleid tot grootscheepse sociale onrust. Zelfs niet begin jaren dertig toen het personeelsbestand in drie jaar tijd kelderde van 23 000 tot 8500. Dat was voor Kalb een belangrijke prikkel in zijn studie.
Er zijn al eerder pogingen ondernomen die lijdzaamheid te verklaren. Heel populair is de theorie van de katholieke braafheid. Anderen wezen op het grote percentage jonge vrouwelijke werknemers. Die werden geen lid van een vakbond en zagen hun werk in de fabriek als tijdelijk, in afwachting van het huwelijk. Kalb stelt daar tegenover, wat hij noemt, het 'flexibel familisme'. Toen Gerard Philips in 1891 zijn lampenfabriek stichtte, kwam hij terecht in een regio waar de meeste gezinnen van vijf of zes inkomens leefden. De Brabantse boerenbedrijfjes leverden weinig op. Bijverdiensten waren noodzakelijk. Vrouwen werkten thuis voor de textiel- en sigarenindustrie of verhuurden zich als dienstmeisje. Deze arbeidsmarkt was voor Philips zeer aantrekkelijk. Het grote aanbod van meisjes hield hun lonen laag, niet meer dan dertig procent van het landelijk gemiddelde voor een ongeschoolde arbeider. Weinigen stoorden zich aan deze wanverhouding want de meisjes droegen slechts bij aan het gezinsinkomen, ze waren niet in hun eentje op het karige loon aangewezen. Daarom raakte een gezin ook niet aan de grond als een dochter ontslagen werd, slechts een klein deel van het gezinsinkomen viel weg. Zo'n gezin was flexibel.
Philips nam vaak drie of meer kinderen, vooral dochters, uit één gezin in dienst. Meisjes bij wie er door hun vaders een discipline was ingeramd, die het bedrijf goed van pas kwam. Want de vervaardiging van gloeilampen eiste discipline en uiterste concentratie. Beklaagde het bedrijf zich over een meisje, dan stond de vader aan de kant van de directie. Daar openbaarde zich de coalitie tussen vader en bedrijf. Klachten waren slecht voor de naam van het gezin en konden de werkgelegenheid van andere familieleden in gevaar brengen. Voelden jonge vrouwen zich onderdrukt, dan ervoeren ze dat eerder als machtsuitoefening door hun vaders dan als pressie van de fabrieksbaas.
In 1914, ruim twintig jaar na de oprichting van Philips, bestond 75 procent van de werknemers uit vrouwen...
lees verder: https://www.trouw.nl/home/philips-keek-niet-op-een-dochter-meer-of-minder~a9957c46/

Het ontstaan van de Nederlandse Gloeilampen-industrie

Deel 1 - Geschiedenis van de N.V. Philips gloeilampenfabrieken: Het ontstaan van de Nederlandse Gloeilampen-industrie,  Auteur: A. Heerding
Octrooiwet opgeruimd: In Nederland echter was van dit alles niets te bespeuren. Daar had men namelijk in 1869 de zeer onbevredigende octrooiwet maar helemaal opgeruimd. De liberale ideologen, wars van alle monopolies hadden er best vrede mee, dat uitvinders zodoende onbeschermd bleven. Buitenlandse klachten over deze roofzuchtige barbarij ten aanzien van het industriële eigendom maakten vooralsnog weinig indruk. De liberale ideologen van ons land hielden er zich namelijk vast van overtuigd dat zij de ware beschaving vertegenwoordigden en dat hun lichtend voorbeeld elders weldra wel navolging zou vinden. Pas in 1912 volgde Nederland de boze wereld en werd er een nieuwe octrooi-
wet ingevoerd. Het was deze situatie die de gloeilampen-
fabricage zeer uitzonderlijke groeikansen bood.
Deel van de recensie van dit boek in NRC Handelsblad 16-05-1981 (Delpher.nl)
met omslag, 414 pagina's met register.
Geschreven geschiedenis voorzien van foto's en illustraties.
isbn 90-247-9033-6  / 1980 /  414 pagina's

Een onderneming van vele markten thuis


Auteur: A. Heerding Deel 2 - Een onderneming van vele markten thuis. Beschrijft de periode  1891-1922.
Geschreven Philips geschiedenis voorzien van foto's en illustraties.
isbn 90-6890-072-2 /1986 / 467 pagina's met register.

De ontwikkeling van de N.V. Philips' gloeilampenfabrieken tot elektrotechnisch concern 

Door Martinus Nijhoff, in de reeks: Geschiedenis van Philips Electronics N.V., deel 3. was oorspronkelijk een proefschrift Rijksuniversiteit Leiden.  [1922-1934]
isbn 9789028803787 / 1992 / 481 pagina's  

Geschiedenis van Philips Electronics N.V. deel 4: Onder Duits beheer

Deel 4. Philips heeft als eerste grote industriële onderneming in Nederland een samenhangende oorlogs- geschiedenis te boek laten stellen. Deel vier is geschreven door bedrijfshistoricus en hoofd van Philips Company Archives dr. Ivo Blanken. In dit deel wordt beschreven hoe Philips erin is geslaagd het voortbestaan van het concern veilig te stellen tijdens de bezetting. Dat is in Nederland voor een groot deel gelukt door de - wat hij noemt - hechte bedrijfscultuur onder het Philipspersoneel en door slimme eigengereidheid van ir. Frits Philips. Die bleef in Nederland nadat hij zich bij het uitbreken van de oorlog in eerste instantie als reserve- officier bij zijn legeronderdeel had gemeld. Ir. Philips zag het op grond van zijn levensovertuiging als een plicht om naar Eindhoven terug te gaan en de leiding van Philips op zich te nemen. Een deel van de verklaring vindt Blanken ook in de jaren dertig als de concerndirectie besluit tot een complexe beschermingsconstructie die Philips moet behoeden voor uiteenvallen van het concern, confiscatie of liquidatie. Hij schetst hoe Philips de oorlog is doorgekomen, zonder daaraan waardeoordelen te verbinden. Hij analyseert het beleid van de Eindhovense directie en gaat na in hoeverre de Duitse autoriteiten, de naar de VS uitgeweken concernleiding en de Nederlandse regering invloed op het concern uitoefenden. Blanken beschrijft dat de bedrijfsleiding en het Philipspersoneel lange tijd hebben verhinderd dat Philips werd ingeschakeld ten behoeve van de Duitse oorlogseconomie. Hij staat uitvoerig stil bij de zorg van Philips voor het personeel en beschrijft hoe Philips begin 1942 het Speciaal Ontwikkelingsbureau (Sobu) oprichtte. Daarin werden alle joodse werknemers samengebracht om 'kriegswichtige' ontwikkelings- en productiewerkzaamheden te verrichten in een poging hen zo voor deportatie te behoeden. Minder dan vier maanden voor de bevrijding van Zuid- Nederland werden de Sobu-werknemers alsnog op transport naar Auschwitz gesteld. Blanken behandelt verder hoe Philips onderduikers aan werk heeft geholpen, hoe 3342 Philipswerknemers na het verwoestende bombardement op Eindhoven werden betrokken bij de Arbeidseinsatz in Duitsland en hij verhaalt over de interne zuiveringscommissie, na de oorlog. Dr. Blanken heeft 4,5 jaar aan de geschiedschrijving gewerkt. Hij analyseerde documenten uit archieven in Nederland, Duitsland, in Engeland en de Verenigde Staten, had de beschikking over dagboeken van toenmalige Philipswerknemers en hij voerde vele tientallen gesprekken.
isbn 9789028864504 1997, 411 pagina's

Geschiedenis van Koninklijke Philips Electronics N.V. dl 5 Een industriële wereldfederatie


In deel vijf in de reeks Geschiedenis van Royal Philips Electronics wordt door I.J Blanken, de periode 1950-1970 behandeld. Philips maakte een ongekende groei door en behoorde begin jaren zestig tot de grootste elektrotechnische concerns in de wereld. Hoewel Philips die positie ook in de jaren zestig wist te behouden, kondigden zich ontwikkelingen aan die de ontplooiing van de onderneming dreigden te belemmeren.
Door de komst van de EEG veranderden de marktomstandigheden in Europa geleidelijk. Philips ondervond ernstige problemen om zich aan de veranderende marktstructuur aan te passen. Het ontstaan van nieuwe markten voor digitale toepassingen zoals computers en geïntegreerde schakelingen, vereiste technieken en operationele kennis die niet aansloten bij de door Philips sedert de jaren twintig opgedane industriële en commerciële ervaring. In dit deel worden de ontwikkeling van deze problemen en de wijze waarop Philips oplossingen probeerde te vinden tot circa 1970 gevolgd
Deel V (1950-1970) Een industriële wereldfederatie
ISBN: 9789028836389 / 2002 / 475 pagina's

Het Dekker perspectief

Het Dekker perspectief geschreven door:D. Overkleeft en L. E. Groosman. Mede dank zij Dr Wisse Dekker zijn de ontwikkelingen in de richting van één Europese markt in een versnelling gekomen.
De heer Dekker heeft in zijn funktie bij Philips duidelijke uitspraken gedaan op diverse plaatsen in de wereld. Dit boek beperkt zich tot die verzameling van meningen die betrekking hebben op de ontwikkeling van de elektronische industrie, de veranderingen in het internationaal management, het alom heersende protectionisme en de negatieve houding van het vroegere Europa. Het geheel vormt de basis voor een verwachting voor de toekomst: het perspectief. Een goed en duidelijk boek dat zeker aanschaf waard is. 
ISBN 90 204 1820 3 /  1987 /  205 pagina's

De revolutie van Jan Timmer

Erik van Gruijthuijsen en Peter Junge. Beschrijving van de daden van Jan Timmer als president-directeur en als voorzitter van Polygram en de divisie Consumentenelektronica in de jaren tachtig. 
De heer Timmer ziet zich gesteld voor de taak Philips weer tot een financieel gezond bedrijf te maken. Een belangrijk probleem daarbij is het (snel) ombuigen van de (in de loop der decennia verstarde) bureaucratische cultuur tot een dynamische commerciële winstgevende cultuur. De vele intern politieke gevechten, de technische en commerciële successen en blunders, en de internationale verwikkelingen worden vaak spannend beschreven. Achterin zijn de letterlijke tekst van Operatie Centurion, de verantwoording, enkele grafische overzichten en het jargon van de Philips-company opgenomen. De auteurs, beiden redacteur bij Het Parool, geven op basis van literatuurstudie en gesprekken duidelijk inzicht in de recente geschiedenis van deze (nog?) Nederlandse multinational met Timmer in de hoofdrol. Dit boek is een van de eerste over een actuele Nederlandse 'captain of industry'.
isbn 9789060107645 /  1992    / 208 pagina's

Boonstra

19 lessen uit het leven van Nederlands meest dwarse CEO.
De zoon van een melkboer die zakentycoon werd. Boonstra is het verhaal van een eigenwijze provinciejongen die zonder diploma’s of kruiwagens de meest spraakmakende en ondernemende ceo van ons land zou worden. Cor Boonstra (1938) weet tot vijf keer toe vriend en vijand te verbazen met zijn succes: bij de srv, bij Intradal, bij Douwe Egberts, bij Sara Lee en tot slot als hoogste baas bij Philips. Een jaar lang voerde reclameman Manfred Bik wekelijks lange, openhartige gesprekken met Boonstra (en andere betrokkenen) over zijn leven en de lessen die daaruit te trekken zijn. Dit boek is het resultaat. Een boek dat er volgens Bik wel móést komen, ‘want Boonstra’s verhaal is gewoon te mooi om niet verteld te worden’. Met een pakkende stijl beschijft Bik Boonstra’s achtergrond, de rol van
zijn vader, zijn komeetachtige loopbaan en zijn tegendraadse aanpak – op zoek naar een mogelijke ‘succesformule’.
Boonstra is niet alleen een roerig levensverhaal. Het is een nostalgische reis langs oer-Hollandse merken als srv, de en Philips en biedt een ongecensureerde kijk in de boardroom en achter de schermen van grote ondernemingen. En het is vooral ook: een boek met 19 tijdloze managementlessen voor iedereen die van plan is om het zelf ver te gaan schoppen.
Schaduwkanten en het wat roemloze einde van Boonstra's bezigheden worden echter onvoldoende uitgediept. De in de ondertitel gepresenteerde levenslessen blijven tamelijk oppervlakkig en kletserig, analytische scherpte of diepgang ontbreken. Een interessant boek voor wie Biks fascinatie met Boonstra deelt en houdt van spannende verhalen over het bedrijfsleven.

Philips tijdens de bezetting.

Herinneringen aan de oorlogsjaren op geestige wijze op papier gezet door een der medewerkers van Philips.
Geschreven door W.F. Bladergroen en uitgegeven in 1945, boek met tekeningen en cartoons.

de ontphilipste stad

Deze publicatie, met de prikkelende titel 'de ontphilipste stad', werd samengesteld en geschreven door Kees Doevendans van de TU/e. Het is niet alleen een inspirerend betoog dat helder de kansen voor een Eindhovens architectuurklimaat schetst, maar ook een beeldend verhaal over een stad in beweging. Met name dit laatste aspect wordt fraai verbeeld door de foto’s van Norbert van Onna die de 
oplage: 500,  uitgave: architectuurcentrum eindhoven / technische universiteit eindhoven.
isbn 978-90-6814-176-4 / 2009 / 60 pagina's 

`44 `69 Werken in vrijheid. 

Kwart Eeuw Bevrijding Kwart Eeuw Philips Koerier.  Verhalen uit de  Philips Koerier samengesteld door Piet Brouwers en Lambert Tabak
1969, 424 pagina's

Philips: Een staat in een stad

Vanaf het moment dat Gerard Philips in 1891 het fabriekje aan de Emmsasingel in Eindhoven kocht voor de productie van kooldraadlampen, is Philips een belangrijke rol gaan spelen binnen de ontwikkel;ing van Eindhoven. In eerste instantie zijn zowel de stad als het bedrijf nog relatief klein. Eindhoven kent in 1891 rond 4.500 inwoners en Philips start met een handjevol werknemers in een pand dat niet groter is dan 18 bij 20 meter. Na verloop van tijd groeit Philips uit tot het grootste bedrijf – en ook de grootste werkgever – binnen Eindhoven. De groei van de stad en het bedrijf loopt parallel en raken met elkaar verstrengeld. De stad verandert langzaam in een ‘company town’, wat wil zeggen dat het imago en de gang van zaken in belangrijke mate werden bepaald door het bedrijf dat er gevestigd was. Philips werd als het ware een ‘staat in de stad’. Naast de diverse fabriekscomplexen bouwde het bedrijf ook complete woonwijken en andere sociale voorzieningen binnen de stad, zoals scholen, parken, bakkerijen, slagers, drogisterijen, een schouwburg, een sportpark en dergelijke.
In dit boek gaat Kaspar van Leek in op de wijze waarop het bedrijf een eigen staat heeft weten te stichten binnen de stad. Daarin beschrijf ik de relatie tussen Philips en Eindhoven door de jaren heen, om te kunnen duiden wat de waarde van het bedrijf is geweest voor de vorming en ontwikkeling van Eindhoven. De wijze waarop ik dit visualiseer, is middels een serie kaarten die de groei van zowel de stad als het bedrijf weergeven. Van daaruit maak ik een driedeling op het gebied van werk, wonen en sociale voorzieningen , die door middel van infographics, fotografie en tekst nader wordt toegelicht.
Uitgave in eigen beheer van de auteur, Veldhoven, 2010.
ISBN 9789090264066 / 2010 / 123 pagina's

Philips vs Philips

dagboek van een titanenstrijd om de VS-bezittingen. Het dagboek van voormalig directeur Juridische Zaken van Philips Hans Beekhuis gaat over het harde gevecht dat Philips rond 1985 voerde om zijn Amerikaanse dochters. Aan de vooravond van WO II waren deze verzelfstandigd. Dat werd na de oorlog niet teruggedraaid. US Philips behield zijn juridische onafhankelijkheid. Halverwege de jaren tachtig stonden NV Philips en het nog steeds zelfstandige US Philips lijnrecht tegenover elkaar. Philips versus Philips. Om een concernbeleid te kunnen voeren moest de zeggenschap worden hersteld. Hoe die machtsstrijd, die de onderneming bijna fataal werd, van dag tot dag verliep leest u in het dagboek. Het risico dat Philips, een van Nederlands grootste ondernemingen, voor langere tijd in twee delen uiteen zou vallen was reëel. Dit dagboek beschrijft dan ook een fascinerende fase uit de geschiedenis van Philips, cruciaal voor zijn voortbestaan, en biedt door de ogen van de schrijver een unieke inkijk in het spectaculaire verloop van deze internationale machtsstrijd op het scherpst van de snede. Philips vs Philips gaat met name over besluitvorming die de kern raakt van strategie, structuur en leiderschap. Zodoende werpt het een uitzonderlijk licht op de besluitvormingsprocessen in de top van een wereldwijd opererende onderneming. Het dagboek is voorzien van wetenschappelijk commentaar door enkele gezaghebbende kenners: prof. Paul Frentrop (corporate governance in historisch perspectief), prof. Jaap van Manen (actuele corporate governance), prof. Steven ten Have (strategie en verandering), voormalig NRC-redacteur Dick Wittenberg (Philips in journalistiek perspectief) en prof. Erik van de Loo (board leadership), die tevens eindredacteur van de desbetreffende essays is. 'Een fascinerend verslag dat leest als een thriller.' - Jacques Schraven, voormalig president-directeur Shell Nederland en ex-voorzitter VNO-NCW
isbn 9789491363139 /  2014    / 320 pagina's


Philips honderd. 1891-1991. Een industriële onderneming.

Ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van Philips mocht dit boek als jubileumuitgave gemaakt worden. Het geeft een beeld van een bedrijf dat uitgroeide tot een van de top-10 ondernemingen op het gebied van lichttechniek en elektronica in de wereld. Honderd jaren Philips laten zich niet uitmeten op een paar honderd pagina's. Dit is dan ook geen geschiedenisboek, maar een schets van opeenvolgende generaties vol menselijke en zakelijke overtuigingen. Zie het als een soort ooggetuigeverslag in beelden en woorden.

Aan bod komen onder andere: tekenende economische, technische en sociale ontwikkelingen, typerende produkten en reclame-activiteiten, markante gebeurtenissen, vestigingen in Nederland en daarbuiten.

Als bronnen zijn duizenden archiefdossiers, jaarverslagen, personeelsbladen, tijdschriften, boeken en films gebruikt.
De vier samenstellers, Sergio Derks, Jeff S. Haneveer, Frans van der Put en Guus Bekooy, hebben op het moment dat zij met dit boek bezig waren samen 125 jaar in, met en voor de onderneming gewerkt. Zij voelen zich dan ook zeer betrokken bij Philips, niet alleen bij de successen, maar ook bij de problemen. Vanuit die betrokkenheid is de opzet geweest een boek te maken dat recht doet aan honderd jaar spannend ondernemen van één van de meest interessante bedrijven in de wereld.
Weliswaar geen wetenschappelijk stuk bedrijfsgeschiedenis, maar toch een interessant en bijzonder fraai geïllustreerd boekwerk. De tekst is gedeeltelijk gebaseerd op onderzoek in het bedrijfsarchief, waaruit ook de vele zwart-wit en kleurenfoto's komen. Vooral de ontwikkeling van de bedrijfsprodukten in die 100 jaar is door de afbeeldingen van alle in die tijd vervaardigde apparaten goed te volgen. Het werk is ingedeeld in 10 hoofdstukken, elk 10 jaar omvattend. In het laatste hoofdstuk worden ook de huidige moeilijkheden en het optreden van J.D. Timmer aangestipt ('in 1990 werd de riskante grens bereikt'), waarbij van een 'ongekend verlies in 1990' wordt gesproken. Het mooi uitgegeven boek mag terecht een 'schets van opeenvolgende generaties vol menselijke en zakelijke overtuigingen' worden genoemd, een 'ooggetuigeverslag van beelden en woorden'. Een bijzonder leesbaar boek, dat het ook als kijk- en doorbladerboek goed doet. Jammer genoeg ontbreken een index en een bibliografie. 
isbn 9789028851504 /  1991 /  205Pagina's

100 jaar Philips research

In 2014 is het precies een eeuw geleden dat in Eindhoven door Philips de basis werd gelegd voor het gerenommeerde Natuurkundig Laboratorium, of kortweg 'Natlab'. Dit vormde aanleiding voor het Boerhaavemuseum in Leiden om een tentoonstelling te wijden aan dit instituut, aangezien zijn eerste directeur, Gilles Holst, afkomstig was van de Universiteit van Leiden. Het boek biedt de bezoeker de gelegenheid om zich te verdiepen in de achtergronden van de vele uitvindingen die in het Natlab het levenslicht zagen, maar is zo toegankelijke geschreven dat het ook los van de tentoonstelling een begrijpelijk beeld geeft hoe nieuwe producten binnen Philips tot stand kwamen. Het gaat dan om de gloeilamp, het radiotoestel, de Philishave en de röntgenbuis uit de beginjaren en de televisie, cassetterecorder, videorecorder en cd-speler die na de oorlog snel de huiskamers veroverden. Niet zo zeer de techniek achter deze uitvindingen, maar juist de mensen die ze tot stand brachten en de strategie van het bedrijf waarbinnen zij dat deden, staan centraal in dit aantrekkelijk geïllustreerde boek. In tegenstelling tot eerdere publicaties over het Natlab, die wetenschappelijk van aard waren, is dit boek geschreven voor een breed publiek.
isbn 9789066305717 / 2013  / 288 pagina's

Het Philips-Kommando In Kamp Vught

In 1943 en 1944 hebben duizenden gevangenen - joden en niet-joden, mannen en vrouwen - gewerkt in het zo geheten Philips-Kommando binnen het SS Konzentrationslager Herzogenbusch in Vught. Op Duits verzoek liet Philips daar allerlei min of meer kriegswichtige producten fabriceren. Collaboratie! Of niet? Dankzij Philips is het bestaan van gevangenen verzacht en is het leven van velen gered. Overlevenden denken met dankbaarheid terug. Was het Philips-Kommando dan zoiets als Schindlers list? Zo eenvoudig is het niet. De microkosmos van het Philips Kommando was in werkelijkheid een rijkgeschakeerde wereld van aanhoudende onzekerheden en risico's, van kleurrijke tegenstellingen en dilemma's. Dit boek, geschreven op initiatief van de Stichting Geschiedschrijving Philips Kommando Concentratiekamp Vught '43-'44, probeert daaromtrent opheldering te geven. De schrijvers willen zich tegen de achtergrond van de oorlogvoering in het algemeen vooral rekenschap geven van de ingewikkelde en verwarrende verscheidenheid van de gebeurtenissen. Zonder het onderscheid tussen 'goed' en 'fout' uit het oog te verliezen, wijken zij af van de moraliserende categorisering binnen de geschiedschrijving van de Tweede Wereldoorlog. Aan de hand van de beschouwing van de bedrijfsgang in het kamp wordt een beeld geschetst van een chaotische mierenhoop, waar gevangenen, bewakers, helpers, beulen en slachtoffers door elkaar krioelden. Wie deed wat? Hoe lagen de verhoudingen precies? De werkelijkheid was wit, zwart, noch grijs, maar bont.
isbn 9789025415860  / 2003 / 351 pagina's

Philips-meisje van kamp Vught

Juni 1943. In Kamp Vught wordt de Joodse tiener Gerda Nothmann door het elektronicaconcern Philips uitgekozen om in hun werkplaats binnen het prikkeldraad kriegswichtige radiobuizen te maken. Zo komt zij bij het Philips-Kommando terecht, een selecte groep gevangenen waarvan het kleine aantal Joodse werkers lange tijd vrijgesteld kan worden van transport.Als de verlegen en onhandige Gerda na een jaar toch wordt gedeporteerd, samen met vierhonderd andere Joodse vrouwen, blijkt haar nieuwe identiteit van 'Philips-meisje' haar redding in Auschwitz. Voor elektronicagigant Telefunken gaat zij weer radiobuizen maken. Na een bijna fatale dodenmars komt ze in Zweden weer op krachten. Zonder familie overgebleven, vertrekt Gerda in 1946 naar Amerika.Sanne van Heijst maakte voor het schrijven van dit levensverhaal gebruik van Gerda's eigen oorlogsherinneringen, die in dit boek opgenomen zijn. Uit de brieven die de ouders Nothmann hun dochter tussen 1939 en 1943 schreven, reconstrueert zij het trieste lot van Gerda's in Berlijn achtergebleven familie. Met naoorlogse familiedocumenten schetst zij Gerda's Amerikaanse leven, waarin haar oorlogsverleden geleidelijk een steeds grotere rol gaat spelen. Voorts werpt zij nieuw licht op de betekenis van Philips voor de overleving van Gerda en veel van haar lotgenoten.
isbn 9789045031361 / 2016 / 320 pagina's

Licht in het donker, Het Philips-Kommando in Kamp Vught

Stichting Nationaal Monument Kamp Vught, 2003, 1e druk. Geniet. Tweekleurendruk (geel, zwart. Informatieboekje bij de reizende tentoonstelling en de educatieve website, Stichting Geschiedschrijving Philips-Kommando Concentratiekamp Vught '43-'44. Ill
Begin 1943 heeft de Philips-directie na lange aarzeling gevolg gegeven aan het dringende verzoek uit "Berlijn" om in het concentratiekamp de Speciale Werkplaats B677 te vestigen. Met de SS was vooraf een grote mate van eigen zeggenschap overeengekomen, die ook lange tijd in stand kon worden gehouden. Ruim 3.100 gevangenen (10 procent van het totaal), hebben kortere of langere tijd deel uitgemaakt van het daar werkzame Philips-Kommando. Philips probeerde zoveel mogelijk gevangenen, mannen en vrouwen, joden en niet-joden, aan werk te helpen. In een relatief veilige omgeving maakten zij onder meer radiotoestellen, knijpkatten en scheerapparaten. Voor anderen werd werk bedacht op een Rekenkamer, Schrijfkamer of Tekenkamer. Jonge joodse vrouwen konden worden ingezet onder het voorwendsel dat alleen zij over het vereiste ?Fingerspitzengevoel beschikten voor het maken van "kriegswichtige" radiobuizen.

Werken in het Philips-Kommando heeft voor de 600 joodse gevangenen lange tijd vrijstelling betekend van transporten. Toen zij toch in juni 1944 werden gedeporteerd naar het vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau, werden zij niet voor de gaskamers geselecteerd. Na korte tijd zijn zij vanuit andere kampen als "Philips Facharbeiter" tewerkgesteld bij bedrijven in Reichenbach. Bijna 400 van de 500 gedeporteerde joodse Philips-medewerkers hebben zo de oorlog overleefd.
isbn  9789080319943 /   2003    / 48 pagina's

Philips Best : van verborgen parel tot kroonjuweel

De merknaam Philips wordt wereldwijd geassocieerd met betekenisvolle innovaties die de wereld veranderd hebben. Het bedrijf heeft in de afgelopen jaren een ingrijpende transformatie ondergaan waarin uiteindelijk de nadruk is komen te liggen op oplossingen die zich richten op gezond leven en gezondheidszorg. 
De Philips-campus in Best speelt hierin een belangrijke rol. De geschiedenis van deze locatie en de divisie waartoe het behoorde is uitermate interessant. Hoe kon het bedrijfsonderdeel Medical Systems, dat eind jaren tachtig door Philips niet meer werd gezien als kernactiviteit, vele jaren later uitgroeien tot een kroonjuweel van het bedrijf? Een centrum van medische innovatie. En hoe kon het grijze Q-complex, dat als een verborgen parel een beetje verscholen lag op de Aarlesche Heide uitgroeien tot een moderne, aantrekkelijke en innovatieve campus waar iedereen trots op is?
Philips-manager Bert Tip, sinds 1986 op vele plaatsen werkzaam bij het concern, geeft in dit rijk geïllustreerde boek een boeiend relaas over ondernemerschap, innovatie, successen en tegenslagen maar bovenal over gepassioneerde mensen die het bedrijf groot gemaakt hebben. Het bevat naast openhartige interviews met vroegere directieleden ook verhalen van medewerkers op de werkvloer, waarvan sommigen nog steeds werkzaam zijn in Best.
Naast feiten, interviews en historische beschrijvingen bevat het boek ook vele luchtige anekdotes en relativerende beschouwingen over herkenbare zaken, die horen bij elk groot bedrijf. Kortom, een onderhoudend en realistisch verhaal, niet alleen bestemd voor medewerkers en gepensioneerden, maar voor iedereen met interesse voor Philips.
isbn 9789490920104  / mei 2017 / 320 pagina's

Kortsluiting

Een boeiende beschrijving van de teloorgang van Philips' know-how, kennis, kunde en beheersing van de electrotechnische industrie door wanbeleid, kortzichtigheid en megalomanie van de leiding. Van Riemsdijk - aangetrouwde familie van Frits Philips - en Rodenburg hadden een alcoholprobleem, Wisse Dekker, de volgende president, beloofde méér dan hij waarmaakte en zijn opvolger, Van der Klugt, was een overoptimistische, ijdele bullebak, die evenals Rodenburg gedwongen moest aftreden. Daarentegen was de leiding van vele dochterondernemingen autonoom zodat Eindhoven niet het laatste woord had, maar markttechnisch ook vaak vergeefs goede ideeën bij de koppige dochters moest laten mislukken. De V-2000 videorecorder, computers, chips, witgoed en veel electronica van Philips werden door de concurrentie - die door Philips' onbestuurbaarheid grote kansen kreeg - weggevaagd. De auteur, journalist bij het NRC-Handelsblad, Marcel Metze, blijkt door onderzoek, gesprekken met Philips' medewerkers van hoog tot laag, uitnemend geïnformeerd.
Dit is een zeer interessant en meegaand boek over de Philips top door de jaren heen tot 1991. Alle technische innovaties, blunders, strubbelingen en persoonlijkheden van de topmannen komt uitvoerig aan bod. Ook allerlei in en outs over joint ventures, verschillende Philips onderdelen en verkoop daarvan word duidelijk omschreven. Dit boek leest heerlijk weg en is net als het boek DE GEUR VAN GELD van Marcel Metze erg onderhoudend. Dit is een goede schrijver, die dingen wat normaal achter gesloten deuren blijft op tafel brengt. De opvolger van dit Boek: Let's make things better
isbn  9789061683797 / 1992  / 352 pagina's

Kunst In De Philips - Reclame (1891-1941)

Het boek toont en beschrijft kunstuitingen in de reclame in de eerste vijftig jaren van het bestaan van Philips. Bekende kunstenaars als Raoul Hynckes, Albert Hahn en Leo Gestel kregen van Philips opdracht voor het ontwerpen van een affiche of andere reclameuiting. In 1923 neemt Philips de eerste reclameontwerper, de Duitser Hans Oertle, in dienst. Twee jaar later ontstaat onder de bezielende leiding van Louis Kalff een reclamestudio waar ontwerpers uit verschillende landen werkzaam zijn. De reclamestudio, die vanaf eind 1928 Artistieke Propaganda heet, kent zijn hoogtepunt aan het eind van de jaren twintig als er elf ontwerpers in dienst zijn.
Ruim 400, deels nooit gepubliceerde, afbeeldingen geven een prachtig tijdsbeeld van de toenmalige Philips-reclame. Tekst Frans Wilbrink

Levenslang Philips

In "Levenslang Philips" kijkt Wisse Dekker terug op zijn leven in een tijd van enorme omwentelingen. Oorlog, politionele actie, dekolonisatie en industriële expansie: Dekker ontwikkelde juist in zware tijden het beste van zijn talenten. In Japan, in Engeland, in Eindhoven, overal wordten zijn energie, vechtlust en kennis van zaken in dienst gesteld van Philips.
De titel lijkt wat sarcastisch ('je zal maar levenslang krijgen'), maar zo is het niet bedoeld. Het zijn ook geen 'echte' memoires van Dekker zèlf; ghostwriter Arnold van Lonkhuijzen heeft gesprekken met Dekker opgetekend en ook anderen aan het woord gelaten (Van der Klugt, Leo Groosman). Tussen de regels door leest men dat Dekker het goed met zichzelf heeft getroffen (en geluk heeft gehad), maar hoe hij zo'n carrière heeft kunnen maken, wordt niet helemaal duidelijk.
isbn 9789050183147 / 905018314X /1996 / 317 pagina's

100 jaar vrouwenarbeid bij Philips

In dit boek vertelt Ien van der Coelen de geschiedenis van de vrouwelijke werknemers bij Philips, vanaf de oprichting in 1891 tot heden [1991]. We stellen ons de vraag: 'Waarom werden en worden op bepaalde momenten juist vrouwen aangetrokken voor bepaalde functies in het produktieproces?' Het antwoord hebben we niet alleen in de archieven gezocht. Ook de werkneemsters zelf vertellen erover.

In hoofdstuk 1 komt de periode van 1891 tot 1945 aan de orde. Het gaat over de meisjes in de lampen- en radiofabrieken, over de Drentse boerendochters en de Philiprak. Hoofdstuk 2 gaat over de maat-regelen die na de Tweede Wereldoorlog genomen werden om het tekort aan ongeschoolde vrouwelijke arbeidskrachten op te lossen. Vanaf eind jaren '6o werden veel fabrieken verplaatst naar de Derde Wereld. Hoofdstuk 3 gaat over de Philips-werkneemsters in de Filippijnen, Malaysia, Thailand en Mexico. Hoofdstuk 4 speelt weer in Nederland. Het bespreekt de reorganisaties van de jaren '70 en de automatisering en flexibilisering van de jaren '8o en de gevolgen daarvan voor het vrouwelijk personeel. Het laatste hoofdstuk vat één en ander samen en bekijkt het 'positieve actie'-beleid sinds 1988.
isbn  9789062241644 / 1991 / 144 pagina's

Philips familie van ondernemers

Philips, familie van ondernemers, Zaltbommel - Eindhoven Gerard en Anton Philips behoorden tot de grootste Nederlandse ondernemers van de twintigste eeuw. De broers Philips waren afkomstig uit een familie van doortastende Zaltbommelse ondernemers met veel ervaring in de nationale en internationale handel. Al sinds het begin van de negentiende eeuw had de familie Philips een scherp oog voor nieuwe ontwikkelingen, zakelijke kansen werden met voortvarendheid benut. Bij het starten van nieuwe ondernemingen werd keer op keer gebruikgemaakt van eerder opgebouwde expertise en netwerken. Familieleden hielpen elkaar door zakelijke belangen te combineren, kennis te delen en kapitaal ter beschikking te stellen. Tegen die achtergrond vond in 1891 de oprichting plaats van de gloeilampenfabriek in Eindhoven. Jan Paulussen, bedrijfshistoricus Philips, geeft in dit boek een schets van het ondernemerschap van de familie Philips. Hij laat zien hoe elementen van de familiecultuur vanuit Zaltbommel werden voortgezet in Eindhoven. Ook na de beursgang van 1912 behield de N.V. Philips lange tijd kenmerken van een familiebedrijf. Het is een bijzonder verhaal, rijk geïllustreerd met unieke foto's onder andere afkomstig van de familie Philips en uit het bedrijfsarchief van Philips.
isbn 9789490920098 / 2016 /136 pagina's

100 jaar personeelbeleid

100 jaar personeelsbeleid - van NV Philips gloeilampenfabriek naar Koninklijke Philips Electronics NV. Geschreven door mr. A W A de Haas 

isbn ?? 2000 124 pagina's

Ir. L.C. Kalff (1897-1976)

Architect en ontwerper Louis C. Kalff was in ons land een pionier op het gebied van industriële vormgeving. Het artistieke geweten van Philips. Hij stond aan de wieg van Design Academy Eindhoven en legde de basis voor het Philipslogo. Vanaf 1925 gaf hij de reclamevormgeving van Philips een modern gezicht.
Onder zijn leiding werd in 1929 het Lichtadviesbureau opgericht dat deelnam aan de Wereldtentoonstellingen in Barcelona, Antwerpen en Parijs. Hij ontwierp het Dr. A. F. Philips Observatorium in Eindhoven en de diamant-boorderij in Valkenswaard. In 1958 zorgde Kalff samen met Le Corbusier voor de spectaculaire deelname van Philips aan de wereldtentoonstelling in Brussel met het Philipspaviljoen en het Poème Électronique. Na zijn pensionering in 1960, werkte hij met architect Leo de Bever aan het Evoluon. Als freelancer maakte hij affiches voor o.a. de Holland-Amerikalijn, Zeebad Scheveningen en PTT. Tekst Peter van Dam

Kunstlicht en architectuur 

door L.C. Kalff (Louis Christiaan Kalff  1897-1976)
1941, Uitgave Meulenhoff & Co N.V., Amsterdam, 
Copyright: N.V. Philips Gloeilampen, Eindhoven
291 p 

Frederik Philips
(1830-1900)

Gerard Philips
(1858-1942)

Anton Philips
(1874-1951)

Het wonder van Eindhoven

In 1891, het jaar dat Gerard Philips [ samen met zijn vader Frederik Philips] een niet al te grote, leegstaande fabriek in Eindhoven koopt om er gloeilampen te produceren, wonen er iets meer dan vierduizend mensen. Rotterdam heeft op dat moment meer dan driehonderdduizend inwoners, Amsterdam al meer dan vierhonderdduizend. De hoofdstad is in die periode zelfs hard op weg naar een inwonertal van een half miljoen. Op een totaal van zo'n 5 miljoen Nederlanders is dat een indrukwekkend aantal.

In Amsterdam gaan de mensen naar optredens in Carré, bezoeken ze klassieke concerten in het Concertgebouw en vergapen ze zich aan oude meesters in het Rijksmuseum. De schrale negorij die Gerard - geboren in Zaltbommel, maar met woon- en werkervaring in Londen, Glasgow, Berlijn en Amsterdam - in het arme Brabant aantreft, steekt daar schril bij af. Daar bewerken keuterboeren de karige zandgronden. Het beetje industrie dat er is, voornamelijk in tabak en textiel, is groeiende, dat wel, met name vanwege de lage lonen in dit deel van Brabant.

Die lage lonen vormen een belangrijke reden voor Gerard om naar Brabant te komen. De arbeidskrachten heten er ook gezagsgetrouw te zijn, nog niet zo mondig en georganiseerd als de jonge vakbewegingen in het westen van Nederland.

In eerste instantie laat Gerard zijn oog op Breda vallen. Hij koopt er een perceel en de bouwplannen zijn al klaar als zijn achterneef Louis Redelé, zeepfabrikant te Eindhoven, hem wijst op een lege fabriek, een voormalige linnenweverij aan een smalle gracht. Daar begint Gerard, werktuigbouwkundig ingenieur, zijn fabricage van gloeilampen. De eerste jaren experimenteert hij erop los, maar het productieproces verloopt moeizaam, net als de verkoop. Dan meldt Anton Philips zich in Eindhoven om zijn oudere broer bij te staan. Anton gaat zich bezighouden met de verkoop van de gloeilampen. Eindhoven zal vanaf dat moment nooit meer hetzelfde zijn.

Het dorp met nog geen 5000 inwoners groeit uit tot de vijfde stad van Nederland, met een inwonertal dat inmiddels boven de 200.000 noteert. Die ongekende groei is voor een groot deel het gevolg van de groei van Philips, daar kan geen misverstand over bestaan. In het kielzog van Philips komen er andere bedrijven - zoals DAF, het enige Nederlandse automerk dat op grote schaal auto's produceert - die besmet raken met dezelfde, bijna onwezenlijke ambitie. Niet de wijk, niet de stad, niet de provincie, niet eens het land; vanuit Eindhoven moet de wereld veroverd worden. De hoge zijden hoed die John F. Kennedy draagt bij zijn inauguratie? Gemaakt in Eindhoven. De eerste gitaar van George Harrison? Made in Eindhoven. De eerste tv-uitzending komt vanuit Eindhoven. De eerste Nederlandse sprekende film wordt er opgenomen. De compacte audiocassette wordt er uitgevonden, en later ook nog de compact disc die de muziekindustrie wereldwijd uit het moeras trekt. En in diezelfde ambitieuze maalstroom volgen sportieve prestaties - landskampioenschappen, Europese bekers, olympische medailles - en culturele wapenfeiten: de eerste Nederlandstalige rock-’n-rollhit, de eerste elektronische muziek op vinyl, de eerste punkelpee, het eerste Nederlandse hiphopalbum... Allemaal huzarenstukjes die op zich al buitengewoon zijn, maar als som der delen een bijna caleidoscopisch beeld van aanstekelijke aspiratie vormen.


Peter Koelewijn

Kom van dat dak af (1960). In 1981 opnieuw als stereo op Philipslabel uitgebracht. Peter Cornelis Koelewijn (Eindhoven, 29 december 1940) is een Nederlands zanger, producent en radio-dj.  https://nl.wikipedia.org/wiki/Peter_Koelewijn

Armand

Armand, artiestennaam van Herman George van Loenhout (Eindhoven, 10 april 1946 – aldaar, 19 november 2015), was een Nederlandse protestzanger. Met het nummer "Ben ik te min?" stond hij in 1967 14 weken in de Top 40
https://nl.wikipedia.org/wiki/Armand

Fresku

Roy Michael Reymound (Eindhoven, 26 oktober 1986), beter bekend onder zijn artiestennaam Fresku, is een Nederlands rapper, acteur en cabaretier. https://nl.wikipedia.org/wiki/Fresku

Eindhoven kan alleen groeien

Eindhoven kan alleen maar zozeer groeien in zo'n korte tijd omdat het als een magneet arbeidskrachten uit andere delen van het land aantrekt, en later uit andere delen van de wereld. Ondanks de snelle expansie neemt de stad nooit afscheid van het dorpse karakter. De stad kent meer dan 200.000 inwoners, maar heeft nog altijd de kenmerken van een groot dorp, inclusief een bovengemiddeld gevoel voor gemeenschappelijkheid en een volslagen gebrek aan Wichtigmacherei. In Eindhoven gaat ambitie hand in hand met zelfspot, en soms met zelfonderschatting. Het is altijd aan mensen van buiten om de Eindhovenaar op de borst te slaan.

Die combinatie - torenhoge ambitie enerzijds, dorpse terloopsheid anderzijds - maakt dat er eigenlijk constant hoger gereikt wordt dan je van een stad met die omvang zou verwachten. In de stad waarvan ze zeggen dat je er 's avonds een kanon kunt afschieten, is het surrealisme daarom nooit ver weg. Smalt-town Eindhoven, waar, net als onder de donkere wenkbrauwen van Theo Maassen, altijd iets lijkt te broeien. De stad van de zalvende zangeres Lenny Kuhr, maar ook van de geniale rapper Fresku en zijn hilarische alter ego Gino Pietermaai; van de eerste Nederlandse playmate (Ellen Soeters), maar ook van Kees Koning, de priester die vredesactivist werd en met een bijl de jachtbommenwerpers te lijf ging. Welke andere stad brengt Johan Vlemmix voort én Jan de Bont? Trea Dobbs én Rudi Fuchs? [ lijst met bekende Eindhovenaren]

Eindhoven is geen mooie stad naar de traditionele toeristische maatstaf van een grachtenpand hier en een watermolen daar. Dat maakt dat de buitengewoonheid der dingen er moeilijker te onderscheiden is. Dat werd het doel van dit boek: het onzichtbare zichtbaar maken. In de vorm van een stadswandeling in 36 hoofdstukken - een petite histoire van de Eindhovense ijver. De gekozen onderwerpen zijn geselecteerd op onderscheidend vermogen; alle dragen ze bij aan wat het wonder van Eindhoven is gaan heten. Dat klinkt bijna katholiek, en zoals dat gaat met wonderen, die zijn niet een-twee-drie te verklaren. Maar we kunnen een poging wagen.
Bron: Woord vooraf  uit het boek: Wonder van Eindhoven (uitverkocht)
Titel: Het wonder van Eindhoven : reizen door de geschiedenis van de lichtstad
Auteur: Arno Kantelberg (1968-)
Jaar:  cop. 2013
Uitgever: Amsterdam : Podium
Annotatie:  Met lit. opg
Omvang: 192 p
Illustratie:  ill
Formaat: 20 cm
ISBN: 978-90-5759-570-7
Samenvatting:  Wandelroute langs historische plekken in Eindhoven, met name betreffende Philips en de industriele ontwikkeling van deze Noord-Brabantse stad