|

Paterskerk circa 1985
Paterskerk is 25 mei 1898 officieel
in gebruik genomen


Klooster Mariënhage foto 1980 (nabij Paterskerk)
Meer dan 520 jaar geleden schreef Nicolaas Clopper jr.
achter deze muren van klooster Mariënhage in Eindhoven zijn
'Florarium Temporum'.


Kerkhof Klooster Mariënhage

Oude muur (van klooster) tuin Paterskerk/ Mariënhage

Oude muur (van klooster) tuin Paterskerk/ Mariënhage

Oude muur (van klooster) tuin Paterskerk/ Mariënhage
Achtergrond huidige Dorint-hotel.
Klooster Mariënhage
1420: Jan van Schoonvorst, Heer van Eindhoven schenkt zijn "oude" kasteel "Die Haghe" buiten de stadswallen aan de kanunniken van St. Augustinus ten behoeve van de stichting van klooster Mariënhage. (naast de huidige Paterskerk)
1542 Klooster betaalt brandschatting aan Maarten van Rossem om plundering te voorkomen.
1545 Ketterij onder de kloosterlingen bestraft.
Tijdens de 80-jarige oorlog heeft Eindhoven het zwaar te verduren, de vestingstad wisselt meermalen van 'eigenaar' en in 1581 steken terugtrekkende Staatse troepen het klooster in brand.


|
EINDHOVEN (ANP)
- Onderzoekers hebben een uitzonderlijke wereldkroniek van de Eindhovense
Augustijner monnik Nicolaas Clopper jr. uit 1472 ontdekt in een archief in
Düsseldorf. De Eindhovense stadsarcheoloog Nico Arts heeft berichten
daarover in het Eindhovens Dagblad en De Telegraaf bevestigd
Het manuscript is om diverse redenen bijzonder, stelt Arts. Het bevat veel
meer degelijk onderbouwde informatie dan ooit is beseft, heeft een
wiskundige grondslag, kent een uitzonderlijke opmaak en beschrijft de
periode vanaf het ontstaan van de wereld. Opmerkelijk is dat de oorsprong
van de geschiedenis niet met Adam en Eva begint.
Het bestaan van de Florarium Temporum (De bloemhof der tijden) was al veel
langer bekend uit de literatuur, aldus Arts. Het boekwerk heeft 150 jaar in
de kelder van het klooster Mariënhage in Eindhoven gelegen. Het is daarna
eeuwenlang zoek geweest. Zeker sinds 1941 is het in bezit van het
staatsarchief van Düsseldorf. Het is dat jaar namelijk voor een ruil
aangeboden in Leiden.
Eindhoven heeft de Duitsers alvast gevraagd om een digitaal kopietje om de
inhoud beter te kunnen bestuderen. De gemeente wil de kroniek later
(tijdelijk) naar Eindhoven halen voor een tentoonstelling over het
manuscript, de schrijver en het klooster.

Een historische schat herontdekt
door Piet Snijders
6 december 2007
Een zware culturele delegatie uit Eindhoven, bestaande uit stadsarcheoloog
Nico Arts, John Lippinkhof van De Negende en bijgestaan door etnoloog Gerard
Rooijakkers, probeert het uit 1472 daterende 'Florarium Temporum' terug te
halen naar Eindhoven.
Meer dan 520 jaar geleden schreef Nicolaas Clopper jr. achter deze muren van
klooster Mariënhage in Eindhoven zijn Florarium Temporum.
Het Florarium Temporum (vertaald: 'De bloemhof der tijden') is een kostbaar
manuscript, dat tussen 1468 en 1472 in het Eindhovense Augustijnenklooster
Mariënhage is geschreven door ene 'Collector', pseudoniem voor Nicolaas
Clopper jr. Het unieke boekwerk – er is maar één handgeschreven exemplaar
van – ligt al sinds jaar en dag achter slot en grendel in het Staatsarchief
van Noordrijn-Westfalen in Düsseldorf.
Het driemanschap Arts, Lippinkhof & Rooijakkers kwam vorige week razend
enthousiast terug van een eerste inspectie in Düsseldorf. De troika droomt
ervan om het 344 folia tellende manuscript (39 x 28,5cm) in Eindhoven te
exposeren en er een hele manifestatie omheen te bouwen.
Het initiatief om 'De bloemhof der tijden' te repatriëren komt van De
Negende, de culturele stuurgroep die samen met andere instellingen de
cultuurhistorie van de stad genietbaar wil maken voor een breed publiek.
Volgens de initiatiefnemers hoort het boekwerk tot de Eindhovense canon, de
selectie van tientallen momenten uit de stadshistorie, die samen 'het grote
verhaal' van Eindhoven vertellen.
Volgens stadsarcheoloog Nico Arts is het Florarium Temporum niet alleen hèt
middeleeuwse highlight voor de Eindhovense canon, maar heeft de kroniek ook
betekenis als oerbron voor de Nederlandse geschiedschrijving. "Die status is
ten onrechte toegekend aan het beroemd geworden Magnum Chronicon Belgicum
van Abbreviator, maar dat boek werd pas in 1498 vervaardigd en was ook nog
eens grotendeels overgeschreven van het ruim 25 jaar oudere Eindhovense
Florarium Temporum.''
Toen Arts met Lippinkhof en Rooijkkers zat te brainstormen over de
Eindhovense canon, herinnerde hij zich een uit 1951 daterende studie van de
historicus dr. P.C. Boeren over het Florarium Temporum. Arts: "Van Boeren
wist ik dat het manuscript van Clopper eeuwenlang zoek is geweest, dat het
na de herontdekking in 1876 ook maar door een paar mensen is ingezien en dat
het in Düsseldorf lag. Een aardige anekdote is dat het boek in 1941 in
Nederlands bezit had kunnen komen. Tijdens de bezetting zijn de Duitsers
ermee naar de universiteitsbibliotheek in Leiden gereden om het te ruilen
tegen een nog ouder Duits manuscript. Leiden ging niet op het aanbod in,
waarna de Duitsers het Florarium thuis weer in het archief hebben gelegd.''
Het Eindhovense culturele driemanschap constateerde vorige week in
Düsseldorf verrast dat het manuscript ná 1951 nog grondig is gerestaureerd.
Arts: "We kregen een prachtboek in handen. Bij het doorbladeren viel op dat
het originele binnenwerk nog als nieuw is. Ik denk dat in die 520 jaar nog
geen honderd mensen het handschrift hebben ingezien. Dat maakt het mede zo
bijzonder.''
link ed
Nicolaas Clopper: een 15e eeuwse Geert Mak in
Eindhoven
Vrijdag 7 december 2007 - EINDHOVEN - Hij heeft al een straatnaam in
Eindhoven. Vlakbij Mariënhage, de plek waar hij ruim 500 jaar geleden heeft
gewerkt.
Als het aan De Negende ligt, krijgt hij een prominente plaats in de canon
van Eindhoven. Mooi.
Maar wie was nou eigenlijk die Nicolaas Clopper? Welnu. Nicolaas Clopper jr.
(1432?-1478?) was een veel te vroeg vergeten kroniekschrijver in het
Bourgondisch Brabant van Philips de Goede. Een middeleeuwse monnik uit
gegoede kringen in Brussel, die in Eindhoven zijn magnum opus schreef, het
Florarium Temporum.
Zijn leven werd sterk gestuurd door zijn geletterde vader, die ook Nicolaas
heette. Deze priester uit Liedekerke (grensstreek Brabant-Vlaanderen) was
deken te Brussel, raadsheer van Philips de Goede en Karel de Stoute.
Nicolaas jr., opgevoed in de Benedictijner abdij Lobbes (Henegouwen), erfde
zijn vaders honger naar kennis en schreef zich als zeventienjarige jongeling
in aan de universiteit van Leuven.
Getuige zijn latere werk, moet hij als jong volwassene tal van
kloosterbibliotheken hebben doorploegd, alvorens hij aan de slag ging als
kroniekschrijver. Even na zijn dertigste (1464-1468) schreef hij in Brussel
historische studies, die hij later verwerkte in zijn Florarium Temporum.
Voor dat levenswerk - geschreven in opdracht van zijn vader - trok hij zich
terug in het Augustijner klooster Mariënhage in Eindhoven.
Waarom juist Eindhoven staat niet met zekerheid vast. Wellicht omdat zijn
vader er invloedrijke connecties had en vanwege de gunstige reputatie van
het klooster Mariënhage.
Nicolaas jr. arriveerde in 1468 in Eindhoven. Als een soort 15e eeuwse Geert
Mak begon hij in Mariënhage meteen aan een zeer ambitieus project: het
vastleggen van de wereldgeschiedenis vanaf de schepping der aarde tot aan
zijn eigen tijd.
In 1472 was het karwei klaar. In zijn kroniek leunde hij voor de tijd vóór
Christus op de bijbel en voor de tijd daarna op allerlei geschreven bronnen.
Zijn Florarium Temporum - genoteerd onder het bescheiden pseudoniem
Collector (verzamelaar) - werd één grote citatenbundel. 'Ongewoon universeel
en grondig gedocumenteerd', zouden historici later zeggen.
Nieuw in Cloppers geschiedschrijving was, dat hij niet alleen de daden van
keizers en pausen beschreef, maar ook van andere belangrijke lieden.
Daarbij legde hij een sterk accent op de betekenis van de Brabants-
Bourgondische machthebbers.
Met die gekleurde insteek tekende Clopper zijn wetenschappelijke doodvonnis.
De eerste historici na hem - tijdgenoten bijna - vonden hem in de jongste
geschiedenis veel te partijdig.
Ene Abbreviator, auteur van de Magnum Chronicon Belgicum, schreef grote
delen van Cloppers' Florarium Temporum vrijwel letterlijk over, maar liet
alles weg wat hem niet zinde. Vooral datgene wat in zijn ogen te Brabants
was. Abbreviator's manuscript werd al heel vroeg gedrukt (1607) en mede
daardoor werd het Magnum Chronicon Belgicum voor latere geschiedschrijvers
een oerbron.
Het oudere en breder georiënteerde manuscript van Clopper werd simpelweg
vergeten.
Het Florarium dook pas in 1876 weer op bij de Belgische baron De Woelmont.
Een paar historici maakten er een bescheiden studie van. Daarna raakte het
manuscript opnieuw zoek.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleek het ineens in een Duits staatsarchief
te liggen.
Rond 1950 werd het manuscript daar uitgebreid bestudeerd door de historicus
dr. P.C. Boeren. Zijn studies liggen nu aan de basis van de gretige
Eindhovense interesse in het Florarium Temporum.
Aanwezig bij www.kb.nl
Titel: Florarium temporum : een wereldkroniek uit het
jaar 1472 / door P.C. Boeren
Auteur: Petrus Cornelis Boeren (1909-1994)
Jaar: 1951
Uitgever: 's-Gravenhage : Martinus Nijhoff
Omvang: [VI], 131 p. : ill. ; 24 cm
Trefwoord persoon: Nicolaas Clopper fl. 1472
De wereldkroniek van de Brusselse kanunnik Clopper
staat tevens vermeld in het 12-delig werk 'Algemene Geschiedenis der
Nederlanden'.
Nieuwe uitgave:
Titel: Florarium temporum
Historische en archeologische achtergronden van een middeleeuwse
wereldkroniek uit Eindhoven
Auteurs: Nico Arts & Gerard Rooijakkers
Prijs € 14,95
Uitgeverij Veerhuis bv www.uitgeverijveerhuis.nl
Beschrijving
De wereld inzichtelijk maken. Nicolaas Clopper jr. probeerde het in 1472
door zijn wereldkroniek af te ronden. In een tijd waarin Columbus nog nooit
van Amerika had gehoord, trok deze augustijner monnik zich terug in het
klooster Mariënhage, net buiten de stadsgrenzen van het middeleeuwse
Eindhoven. Hij begon hier omstreeks 1464 aan een immense taak: het schrijven
van een wereldgeschiedenis onder de titel Florarium temporum oftewel
‘Bloemhof der tijden’. Clopper gaf Brabant een prominente plaats in zijn
wereldkroniek. Bijzonder is dat van deze kroniek zowel het concept als de
definitieve versie zijn teruggevonden. Voor het eerst, na ruim vijfhonderd
jaar, komen beide manuscripten in dit boek weer samen. De handschriften zijn
geplaatst in de context van het Eindhovense klooster Mariënhage, onder meer
op basis van nieuw archeologisch onderzoek waarbij veel middeleeuws
boekbeslag is ontdekt. |