Ad van Eerd 

Aanvoerder PSV helpt Joodse en andere onderduikers en is actief in het Eindhovense verzet bij de P.A.N.

PSV 1ste keer landskampioen, 1929. Op de schouder is een andere speler van PSV

Voetbalplaatje/ cartoon Ad van Eerd in Eindhovensdagblad 1929

Ad van Eerd: voetballer en aanvoerder PSV maakt doelpunt tegen Velocitas. PSV won met 9 doelpunten. (1-9) 

In 1929 is PSV voor het eerst kampioen van Nederland

Op 18 september 1944 werden door het wijkteam van de P.A.N in Woensel-West twee mensen opgepakt en opgebracht. Eén daarvan was een N.S.B-er tevens SD-agent, Adrianus Wolterbeek, die in de Wattstraat woonde, de man met de handen in de lucht. Uiterst links van hem (zonder helm, maar met witte band) loopt de leider van het P.A.N-wijkteam, Ad van Eerd. Vóór de oorlog bekend als aanvoerder van PSV met de bijnaam "De Spijker". Tijdens de oorlog droeg hij de verzetsnaam "De Greef". Ad speelde van 1927 tot 1932 bij PSV en droeg de aanvoerdersband van 1928-1932.


Arrestatie door P.A.N. in de Wattstraat in Woensel op 18 september 1944 werden door het wijkteam van de PAN (Partizanen Actie Nederland) in Woensel-West twee mensen opgepakt en opgebracht. Eén daarvan was een N.S.B.-er tevens ‘jodenjager’en SD-agent Adrianus Wolterbeek, die in de Wattstraat 4 woonde. "Hij heeft zich al in 1933 aangesloten bij de NSB en heeft gewerkt op de vliegbasissen Soesterberg en Welschap. In 1942 is hij bij de SD in dienst gekomen. Eerst als chauffeur van het Eindhovense (Sicherheitsdienst ) SD hoofd: Wilhelm Weber. Later opereert hij als zelfstandige joden en onderdukers rechercheur en verrijkt hij zich aan in beslag genomen spullen. Hij heeft een spoor van verraad, dood en ontzettend veel verdriet veroorzaakt, zelfs bij zijn gezin.

Ad van Eerd had de hele oorlog joodse onderduikers in huis. Hij was tevens blokhoofd van de P.A.N. De familie Van Eerd woonde destijds in de Wenckenbachstraat 45, meteen naast de ingang van het winkel/woonhuis Lebo van familie Leeuw. Schuin aan de overkant, waar al het volk staat, is nog net hun winkel te zien: "de Lebo". 
Leendert Leeuw. Belandde dankzij Wolterbeek op de SD-afdeling van het hoofdbureau van Politie aan de Grote Berg. Destijds was het grote paniek binnen de familie, voor het geval de Duitsers ontdekten welke grote vis ze gevangen hadden. In het verzet van Woensel waren ook actief ook: Dirk Leeuw, D. Priemus. Hij trouwde in 1945 met Ada Leeuw, die bij haar ouders op de Wattstraat 21 woonde. In Woensel waren diverse groepen actief, zoals de P.A.N. en GUST.

Ad van Eerd was een bekende Eindhovenaar, sportman maar ook verzetsman. De familie Van Eerd woonde in de oorlogsjaren in de Wenckenbachstraat 45, naast de winkel en woonhuis "de Lebo.", ook een verzetshaard. Van Eerd helpt actief mee om Joden te helpen onderduiken. Van Eerd en zijn eerste vrouw Margaretha behoeden zo tenminste negen Joden uit Zwolle voor deportatie. 
Het echtpaar Max Kurt Mühlfelder (naam variatie Muehlvelder, Muehlfelder en Muhlfelder) en Catherine Mühlfelder-Troostwijk en dochter? Marlies Mühlfelder

Later duiken bij hun ook onder de familie Arthur Troostwijk en Dora (Doortje) Troostwijk- van Essen. En hun kinderen: Jehuda Troostwijk, Louise Troostwijk (Leo ?) , Maurits Troostwijk en Theresia Troostwijk (Kitty?). Hoewel https://sjoelelburg.nl/joodse-onderduiklocaties/oldebroek-feithenhofsweg-5-familie-h-wessels/ beschrijft dat ze in Oldebroek zijn ondergedoken.

Hetgeen in zijn buurt gebeurde en waarbij Ad een rol speelde staat beschreven in het dagboek van Piet Bouma op deze website. 

Piet Bouma schrijft over maandag 18 Sept.'44 o.a." 1e. Het eerste verschijnen van partizanen op straat! Kenbaar aan een witte band; bestemd om de Tommies op alle mogelijke manieren behulpzaam te zijn, om de orde te handhaven, en om de resterende NSB’ers op te sluiten. Sommige hadden geweren, de meeste helmen (van de luchtbescherming), en één een reusachtige kromme sabel!

2e. Het opbrengen van de NSB’ers. Ze gingen er telkens een halen, en brachten hem weg, aan beide zijden partizanen, en er achter eentje met een geweer. Andere partizanen hielden het volk op een afstand, opdat ze hem onbeschadigd af konden leveren. (De meeste toeschouwers waren de mening toegedaan, dat een lichte beschadiging geen kwaad zou kunnen doen). Het slachtoffer zelf moest zijn handen achter zijn hoofd gevouwen houden. Bij minder bekende en beruchte exemplaren bepaalde de menigte zich ertoe, hem en masse te vergezellen, hen op een honend hoera-geroep of applaus te onthalen, en, toen de stemming steeg, hen met toepasselijke liedjes toe te zingen, in de geest van: “Oranje boven”, “Dat gaat naar Den Bosch toe”, en “zo gaat Jantje naar de bliksem toe”. Maar bij de ergste individuen, de spionnen en aanbrengers in dienst der Duitsers, daverden de scheldwoorden door de straten, en moesten de partizanen een heel cordon vormen en schoten in de lucht lossen om de woedende menigte op een afstand te houden. De ergste [Adrianus Wolterbeek], die persoonlijk tientallen mensenlevens op zijn geweten had, wou zich eerst niet laten arresteren en had zich op de vliering verschanst. Pas toen de partizanen door de ramen begonnen te schieten (waarbij één hunner nog door een onhandige kameraad in de arm geschoten werd!) gaf het heer zich over. De vrouwen werden niet meegenomen, maar één der individuen trachtte medelijden op te wekken, door zijn vrouw en drie kleine huilende kinderen mee te nemen. Het publiek reageerde op de juiste wijze: het medelijden bepaalde zich uitsluitend tot de kinderen, en de man werd nog erger verfoeid, omdat hij dit zijn kinderen aandeed."


Over zijn verzetswerk bij de P.A.N. is weinig geschreven. In ieder geval was hij in de laatste oorlogsmaanden en bij de bevrijding van Eindhoven, 18 september 1944 en de dagen daarna, een belangrijke strijder van het wijkteam Woensel-west.  

Voor zijn verrichtingen in de Tweede Wereldoorlog werd hij onderscheiden met het Verzetsherdenkingskruis 1940-1945. Vijf november 1972 kreeg hij de Yad Vashem-onderscheiding voor hulp aan Joden. Op de foto bij Yad Vashem zit zijn 2e vrouw naast hem, die niets met zijn verzetsverleden te maken had. Anna van Eerd-Mutsaers heeft wel de Yad Vashem-onderscheiding ontvangen.

Ad van Eerd (Vught, 27 april 1901 – Den Bosch, 22 augustus 1990) 

Ad van Eerd tijdens Yad Vashem-onderscheiding 5 november 1972
© foto Yad Vashem

Extra 

In 2022 komt een speciaal boek uit over PSV in de oorlogsjaren, auteur is Joris Kaper. Een voorbeschouwend artikel hierover verscheen in het Eindhovens dagblad op 18-9-2021.
 
Victoria" Egyptische Cigaretten Verkoop Maatschappij (The Vittoria Egyptian Cigarette Selling Compan) uit Rotterdam was een grote sponsor van sportwedstrijden voor de oorlog. Maar ook tegen belasting betalen. Ze waren een van de eerste die sportplaatjes uitgaven, voorloper de meer bekende Panini -plaatjes maar ook  theehandel Ter Wee gaf een serie van 108 voetbalplaatjes, in 1930 uit. Een van de plaatjes staat van Eerd, zie rood kader. 

De serie is rond 1930 uitgegeven door een aantal verschillende fabrikanten, waarvan de firma Ter Wee, een theehandel in Zaandam, de bekendste is. Van deze serie is geen album uitgegeven. Voor zover bekend bestaat de serie in totaal uit 108 voetballers. De maat van de plaatjes is 3,5 x 7 cm

PSV is in 1929 voor de eerste keer kampioen van Nederland. Staand v.l.n.r.: Christ Hoeppe, trainer Klein Wenting, Ad van Eerd (aanvoerder), Theo Hermens, Gerrit Dekker, Arie van Strien, Kees de Visser, Gerrit Hermans, masseur Ignaz Klein en Jan van den Broek. Gehurkt: Sjef van Run, Kees Leenhouwers, Leo boumans, Driekske Klaassen en Frits van Zeijl.